15/10/2014

Het gemis van Mannetje Pluim

Jozefkl.jpg

“Mannetje Pluim. Mannetje Pluim. Mannetje Pluim.” Een schouwburg vol kinderen schreeuwt de longen uit het lijf om Mannetje Pluim, het populaire poppenkarakter van acteur Jozef van der Berg, terug op het toneel te krijgen. Mannetje Pluim is verdronken in zee. Waar precies, we weten het niet. Als we maar hard genoeg roepen dan komt Mannetje Pluim vanzelf terug, vertrouwt Van den Berg ons toe. En warempel: ons geroep wordt beloond. Ineens rijdt Mannetje Pluim op de rug van een elektrische rat het decor weer op. De vreugde is groot.

Bovenstaande is een tamelijk sterke jeugdherinnering. Het moet ergens in de jaren tachtig in De Harmonie, in de schouwburg van Leeuwarden, zijn geweest. De warme geborgenheid en de hoopvolle setting, waarin die herinnering gestalte kreeg, is nog altijd oproepbaar, voelbaar bijna. Zo zijn maar weinig herinneringen.

Zoeker gevonden

Jozef van den Berg, zo lees ik in de onlangs verschenen biografie van Francis Jonckheere, ontving in de jaren tachtig en negentig van Leeuwarden tot Tokyo lof voor zijn openhartige verbeeldingsvolle en humoristische voorstellingen, vertellingen waarin hij veel improviseerde en waarbij hij zijn poppen, het publiek, volwassenen en kinderen altijd nadrukkelijk betrok en meenam naar een werkelijkheid die, zo als het aan publiek lag, voor altijd zou mogen zijn.

Het bizarre – zo je wilt: het mooie – in het levensverhaal van Jozef van den Berg, is dat hij eind jaren tachtig tijdens een optreden in Antwerpen het podium oploopt om te vertellen dat die door hem gecreëerde en door velen bewonderde werkelijkheid niet langer bestaat: “Ik ben een werkelijkheid genaderd die niet meer te spelen is. De zoeker zoekt, maar hij wordt gevonden. Daarom sta ik vanavond voor het laatst op de planken.”

De bijbel

Wat het ontgoochelde publiek in de zaal niet weet, is Van den Berg de voorgaande dagen in hevige vertwijfeling over zijn werk en de voortgang daarvan is geweest. Vlak voor de voorstelling heeft hij ten einde raad de bijbel opengeslagen op een willekeurige bladzijde en gelezen:

Daarom: gaat weg uit hun Midden

En scheidt u af, spreekt de Heer

En houdt niet vast aan het onreine

En Ik zal u aannemen

En ik zal u tot Vader zijn

(2Kor. 6,17-18)

 

De zoektocht is voorbij. Jozef van den Berg zet op 14 september 1989 een punt achter de toneelcarrière van zichzelf en zijn personages, waaronder Mannetje Pluim. Hij besluit om zijn leven aan God te wijden, om ‘acteur van Christus’ te worden, hetgeen betekent dat hij zich bekeert tot Oosters-Orthodoxe kerk. Jozef van den Berg (1949), verlaat zijn vrouw en vier kinderen en gaat (aanvankelijk) in een fietsenstalling in Neerijnen wonen en laat zich voortaan voeden met wat de mensen hem geven.

Mannetje Pluim

De met zorg gemaakte biografie over Jozef van den Berg bestaat uit twee delen. In het eerste deel wordt zorgvuldig uiteengezet wie hij is als mens en acteur. Al zijn voorstellingen, inclusief beschouwingen van recensenten en van Van den Berg zelf op die voorstellingen, worden gememoreerd. Al lezend voel ik de dankbaarheid van toen, hoe het was om als kind bij een van zijn vertellingen aanwezig te zijn.

Het tweede deel van het boek gaat over het leven na de ommekeer. De zoeker is gevonden, zo zegt hij zelf. Maar de lezer, ik, de liefhebber van zijn werk raakt hij op dat moment kwijt. De acteur van Christus is verworden tot eendimensionale persoonlijkheid, iemand die nog altijd de rijkdom van zijn eigen ziel onderzoekt, maar daarbij nog maar een kant op kijkt. Dat stemt verdrietig. Heel hard ‘Mannetje Pluim’ roepen, zal niet helpen, zoveel wordt na lezing duidelijk. 

Links: